psalter
zelfstandig naamwoordBetekenis
- oud snaarinstrument, voorloper van het hakkebord
- psalmboek
zelfstandig naamwoord — neuter
- boek met vertalingen van de psalmen uit het Oude Testament
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| psalters | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘Boek der Psalmen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901
Woordfamilie van psalter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| psalters | meervoud | psalter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van psalter zijn vastgelegd.