profetisch
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- van of via een profeet, door God ingegeven
- met de pretentie van het vermogen tot voorspellen
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| profetische | verbogen, stellende trap |
| profetischer | onverbogen, vergrotende trap |
| profetischere | verbogen, vergrotende trap |
| profetischers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
afgeleid van profetie met het achtervoegsel -isch
Woordfamilie van profetisch
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| profetische | verbogen vorm | profetisch |
| profetischer | vergrotende trap | profetisch |
| profetischere | verbogen vergrotende trap | profetisch |
| profetischers | partitieve vergrotende trap | profetisch |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van profetisch zijn vastgelegd.