presbyteriaan
zelfstandig naamwoordBetekenis
- aanhanger van de Engelse en Schotse variant van het Calvinisme
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| presbyterianen | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘lid van Angelsaksisch kerkgenootschap, dat door presbyters wordt bestuurd’ voor het eerst aangetroffen in 1726
Woordfamilie van presbyteriaan
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| presbyterianen | meervoud | presbyteriaan |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van presbyteriaan zijn vastgelegd.