poststempel
zelfstandig naamwoord ˈpɔ(st)stɛmpəlBetekenis
- de afdruk van een stempel op een postzegel op een poststuk zodat de postzegel niet opnieuw gebruikt kan worden, op het poststempel staan de datum en de plaats waar het poststuk is aangeboden voor versturing
Hoe spreek je poststempel uit?
/ˈpɔststɛmpəl/
Poststempel bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| ɔ | bot |
| s | sok |
| t | tak |
| ɛ | bed |
| m | maan |
| ə | de |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| poststempels | meervoud |
Herkomst
samenstelling van post en stempel
Woordfamilie van poststempel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| poststempels | meervoud | poststempel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van poststempel zijn vastgelegd.