postdoc
zelfstandig naamwoord ˈposdɔkBetekenis
- wetenschapper die net zijn promotie onderzoek heeft voltooid en dan tijdelijk gaat werken in een ander instituut en vaak ook in een ander land
- iemand die een opleiding volgt na het behalen van het masterdiploma
- funtie als wetenschappelijk onderzoeker waarvoor een doctorstitel vereist is
- iemand die een onderzoeksfunctie bekleedt waarvoor een doctorstitel vereist is
Hoe spreek je postdoc uit?
/ˈposdɔk/
Postdoc bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| o | boot |
| s | sok |
| d | dak |
| ɔ | bot |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| postdocs | meervoud |
Herkomst
van Engels postdoc
Woordfamilie van postdoc
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| postdocs | meervoud | postdoc |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van postdoc zijn vastgelegd.