pistache
zelfstandig naamwoord pisˈtɑʃBetekenis
- noot van de Pistacia vera
- het op hetzelfde moment allebei hetzelfde zeggen
Hoe spreek je pistache uit?
/pisˈtɑʃ/
Pistache bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| i | riet |
| s | sok |
| t | tak |
| ɑ | bad |
| ʃ | sjaal |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- benaming voor kleine bomen uit het geslacht Pistacia
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pistaches | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘groene amandel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1608
Woordfamilie van pistache
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pistaches | meervoud | pistache |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pistache zijn vastgelegd.