pepperspray
zelfstandig naamwoord ˈpɛpərˌspreBetekenis
- sterk prikkelend vloeistof in een spuitbus, die in de ogen van een aanvaller kan worden gespoten om hem zonder blijvende schade buiten gevecht te stellen
- pepperspray
Hoe spreek je pepperspray uit?
/ˈpɛpərˌspre/
Pepperspray bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| ɛ | bed |
| ə | de |
| r | rood |
| s | sok |
| e | veel |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| peppersprays | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘verblindende spray met peperextract’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1998
Woordfamilie van pepperspray
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| peppersprays | meervoud | pepperspray |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pepperspray zijn vastgelegd.