peepshow
zelfstandig naamwoordBetekenis
- show van een naakt persoon (meestal een vrouw) die men anoniem vanuit een kleine cabine kan bekijken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| peepshows | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘kijkkast met seksattractie’ voor het eerst aangetroffen in 1979
Woordfamilie van peepshow
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| peepshows | meervoud | peepshow |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van peepshow zijn vastgelegd.