patjakker
zelfstandig naamwoord ˈpɑcɑkərBetekenis
- smeerlap, fielt, schurk
Hoe spreek je patjakker uit?
/ˈpɑcɑkər/
Patjakker bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| ɑ | bad |
| c | tientje |
| k | kat |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- boosaardige man informal, pejorative
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| patjakkers | meervoud |
Herkomst
met het achtervoegsel -er gevormd uit Javaans bajag en Indonesisch bajak "zeerover, piraat", in de betekenis van ‘gemene kerel’ voor het eerst aangetroffen in 1896
Woordfamilie van patjakker
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| patjakkers | meervoud | patjakker |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van patjakker zijn vastgelegd.