pathologie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de tak van de geneeskunde die het ontstaan en verloop van ziektes bestudeert
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pathologieën | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘ziekteleer’ voor het eerst aangetroffen in 1778
Woordfamilie van pathologie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pathologieën | meervoud | pathologie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pathologie zijn vastgelegd.