paarsrood
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord ˈparsrotBetekenis
- een kleur tussen rood en paars
- hebbend
Hoe spreek je paarsrood uit?
/ˈparsrot/
Paarsrood bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| a | maan |
| r | rood |
| s | sok |
| o | boot |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- paarse tint van rood
bijvoeglijk naamwoord
- een paarse tint rood hebbend
Herkomst
samenstelling van paars en rood , aaneengeschreven volgens spellingregel 6.C: dit woord beschrijft één tint en moet niet worden verward met "paars-rood" voor iets dat twee kleuren heeft
Woordfamilie van paarsrood
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| paarsrode | woordvorm | paarsrood |
| paarsroden | meervoud | paarsrood |
| paarsroder | woordvorm | paarsrood |
| paarsrodere | woordvorm | paarsrood |
| paarsroders | woordvorm | paarsrood |
| paarsroods | woordvorm | paarsrood |
| paarsroodst | woordvorm | paarsrood |
| paarsroodste | woordvorm | paarsrood |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van paarsrood zijn vastgelegd.