ontoegankelijk
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- dat het voor iets of iemand niet mogelijk is om ergens te komen
- dat iets of iemand niet te begrijpen is met het verstand
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ontoegankelijke | verbogen, stellende trap |
| ontoegankelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| ontoegankelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| ontoegankelijkers | partitief, vergrotende trap |
| ontoegankelijks | partitief, stellende trap |
| ontoegankelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| ontoegankelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
afleiding van toegankelijk met het voorvoegsel on-
Woordfamilie van ontoegankelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ontoegankelijke | verbogen vorm | ontoegankelijk |
| ontoegankelijker | vergrotende trap | ontoegankelijk |
| ontoegankelijkere | verbogen vergrotende trap | ontoegankelijk |
| ontoegankelijkers | partitieve vergrotende trap | ontoegankelijk |
| ontoegankelijks | partitive, positive | ontoegankelijk |
| ontoegankelijkst | uninflected, superlative | ontoegankelijk |
| ontoegankelijkste | inflected, superlative | ontoegankelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ontoegankelijk zijn vastgelegd.