onaflosbaar
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- een schuld die zo groot is dat ze niet meer terug betaald kan worden
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| onaflosbaarder | onverbogen, vergrotende trap |
| onaflosbaardere | verbogen, vergrotende trap |
| onaflosbaarders | partitief, vergrotende trap |
| onaflosbaars | partitief, stellende trap |
| onaflosbaarst | onverbogen, overtreffende trap |
| onaflosbaarste | verbogen, overtreffende trap |
| onaflosbare | verbogen, stellende trap |
Herkomst
afgeleid van aflosbaar met het voorvoegsel on-
Woordfamilie van onaflosbaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onaflosbaarder | vergrotende trap | onaflosbaar |
| onaflosbaardere | verbogen vergrotende trap | onaflosbaar |
| onaflosbaarders | partitieve vergrotende trap | onaflosbaar |
| onaflosbaars | partitive, positive | onaflosbaar |
| onaflosbaarst | uninflected, superlative | onaflosbaar |
| onaflosbaarste | inflected, superlative | onaflosbaar |
| onaflosbare | verbogen vorm | onaflosbaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onaflosbaar zijn vastgelegd.