obediëntie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gehoorzaamheid (van kloosterlingen)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| obediënties | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘gehoorzaamheid’ voor het eerst aangetroffen in 1330
Woordfamilie van obediëntie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| obediënties | meervoud | obediëntie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van obediëntie zijn vastgelegd.