numismatisch
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- betrekking hebbend op de munt- en penningkunde, de numismatiek
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| numismatische | verbogen, stellende trap |
| numismatischer | onverbogen, vergrotende trap |
| numismatischere | verbogen, vergrotende trap |
| numismatischers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
afgeleid van numismaat met het achtervoegsel -isch
Woordfamilie van numismatisch
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| numismatische | verbogen vorm | numismatisch |
| numismatischer | vergrotende trap | numismatisch |
| numismatischere | verbogen vergrotende trap | numismatisch |
| numismatischers | partitieve vergrotende trap | numismatisch |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van numismatisch zijn vastgelegd.