nimrod
zelfstandig naamwoord ˈnɪmrɔtBetekenis
- iemand die graag, vaak of met veel succes jaagt
- jachtliefhebber
Hoe spreek je nimrod uit?
/ˈnɪmrɔt/
Nimrod bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| ɪ | pit |
| m | maan |
| r | rood |
| ɔ | bot |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nimrods | meervoud |
Herkomst
eponiem dat verwijst naar de Bijbelse figuur Nimrod die volgens Genesis 10:9 een groot jager was, in de betekenis van ‘jachtliefhebber’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1639
Woordfamilie van nimrod
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nimrods | meervoud | nimrod |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nimrod zijn vastgelegd.