negentig
hoofdtelwoord, zelfstandig naamwoord ˈneɣə(n)təxBetekenis
- '90', het getal tussen negenentachtig en eenennegentig, negen maal tien
- dat wat in een (rang)ordening met 90 is aangeduid
- groep van 90 eenheden
Hoe spreek je negentig uit?
/ˈnexəntəx/
Negentig bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| e | veel |
| x | acht |
| ə | de |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
hoofdtelwoord
- "90", het getal tussen negenentachtig en eenennegentig, negen maal tien
Verbuiging en vervoeging (hoofdtelwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| 1011010 | |
| 5A | |
| 90 | |
| XC |
Herkomst
erfwoord via Middelnederlands negentich van Oudnederlands nigontig, als telwoord voor het eerst aangetroffen in de Lex Salica (509-800); afgeleid van negen ht met het achtervoegsel -tig
Woordfamilie van negentig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| negentigje | woordvorm | negentig |
| negentigjes | meervoud | negentig |
| negentigs | meervoud | negentig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van negentig zijn vastgelegd.