nanny
zelfstandig naamwoord ˈnɛniBetekenis
- vrouw die zorgt voor de kinderen van haar opdrachtgevers
Hoe spreek je nanny uit?
/ˈnɛni/
Nanny bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| ɛ | bed |
| i | riet |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nanny's | meervoud |
Herkomst
uit het Amerikaans Engels, als synoniem van de thans verouderde term gouvernante en de als neerbuigend gevoelde benaming kindermeisje. De ontlening "nanny" werd in het Nederlands al in 1960 gebruikt (zie vindplaats hieronder), maar raakte in zwang dankzij de Amerikaanse sitcom serie The Nanny (1993 - 1999), die voor het eerst door de NCRV in Nederland en, in Vlaanderen, door de VRT (voormalig BRT, BRTN) uitgezonden werd.
Woordfamilie van nanny
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nanny's | meervoud | nanny |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nanny zijn vastgelegd.