nadrukkelijk
bijvoeglijk naamwoord naˈdrʏkələkBetekenis
- met klem, met na druk, duidelijk, met ernst.
Hoe spreek je nadrukkelijk uit?
/naˈdrʏkələk/
Nadrukkelijk bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| a | maan |
| d | dak |
| r | rood |
| ʏ | put |
| k | kat |
| ə | de |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nadrukkelijke | verbogen, stellende trap |
| nadrukkelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| nadrukkelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| nadrukkelijkers | partitief, vergrotende trap |
| nadrukkelijks | partitief, stellende trap |
| nadrukkelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| nadrukkelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
afgeleid van nadruk zn met het achtervoegsel -lijk met het invoegsel -e-, mogelijk onder invloed van Duits nachdrücklich bn
Woordfamilie van nadrukkelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nadrukkelijke | verbogen vorm | nadrukkelijk |
| nadrukkelijker | vergrotende trap | nadrukkelijk |
| nadrukkelijkere | verbogen vergrotende trap | nadrukkelijk |
| nadrukkelijkers | partitieve vergrotende trap | nadrukkelijk |
| nadrukkelijks | partitive, positive | nadrukkelijk |
| nadrukkelijkst | uninflected, superlative | nadrukkelijk |
| nadrukkelijkste | inflected, superlative | nadrukkelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nadrukkelijk zijn vastgelegd.