nadar
zelfstandig naamwoord ˈnadɑrBetekenis
- hek dat aan soortgelijke hekken kan worden vastgemaakt en zo een verplaatsbare stevige afscheiding vormt om publiek op een veilige afstand te houden
- zwemmen
- zwemmen, drijven
- bovendrijven
- baden
- zwemmen in (fig. in een ruim kledingstuk)
Hoe spreek je nadar uit?
/ˈnadɑr/
Nadar bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| a | maan |
| d | dak |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nadars | meervoud |
Herkomst
eponiem: genoemd naar de fotograaf Nadar Nadar steeg 26 september 1864 met een grote luchtballon in Brussel op, waarbij de straten werden afgezet met speciaal voor die gebeurtenis gemaakte dranghekken. Deze hekken kregen in het Frans de naam barrières Nadar
Woordfamilie van nadar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| nadars | meervoud | nadar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nadar zijn vastgelegd.