nabuur
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die dicht in de buurt woont
- bewoners van een aangrenzende gemeente, provincie of land
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| naburen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van na bw en buur zn
Woordfamilie van nabuur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| naburen | meervoud | nabuur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van nabuur zijn vastgelegd.