mondholte
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het inwendige deel van de mond 1
zelfstandig naamwoord
- het inwendige deel van de mond [1]
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mondholten | meervoud |
| mondholtes | meervoud |
Herkomst
samenstelling van mond en holte
Woordfamilie van mondholte
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mondholten | meervoud | mondholte |
| mondholtes | meervoud | mondholte |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mondholte zijn vastgelegd.