mixtuur
zelfstandig naamwoordBetekenis
- (vloeibaar farmaceutisch) mengsel
- orgelregister, samengesteld uit onderscheiden koren van verschillende grootte
- mengsel als reagens
zelfstandig naamwoord
- mengsel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mixturen | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘vloeibaar artsenijmengsel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1598
Woordfamilie van mixtuur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mixturen | meervoud | mixtuur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mixtuur zijn vastgelegd.