messenmaker
zelfstandig naamwoord ˈmɛsə(n)ˌmakərBetekenis
- iemand wiens beroep het maken en slijpen van messen is
- fabriek die snijwerktuigen vervaardigt
Hoe spreek je messenmaker uit?
/ˈmɛsənˌmakər/
Messenmaker bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɛ | bed |
| s | sok |
| ə | de |
| n | nek |
| a | maan |
| k | kat |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| messenmakers | meervoud |
Herkomst
samenstelling van mes zn en maker zn met het invoegsel -en-
Woordfamilie van messenmaker
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| messenmakers | meervoud | messenmaker |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van messenmaker zijn vastgelegd.