meerderjarig
bijvoeglijk naamwoord ˈmerdərˌjarəxBetekenis
- de leeftijd bereikt hebbend dat men alle rechten en plichten van een volwassene heeft
Hoe spreek je meerderjarig uit?
/ˈmerdərˌjarəx/
Meerderjarig bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| e | veel |
| r | rood |
| d | dak |
| ə | de |
| j | ja |
| a | maan |
| x | acht |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| meerderjarige | verbogen, stellende trap |
| meerderjarigs | partitief, stellende trap |
Herkomst
In de betekenis van ‘volwassen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1599
Woordfamilie van meerderjarig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| meerderjarige | verbogen vorm | meerderjarig |
| meerderjarigs | partitive, positive | meerderjarig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van meerderjarig zijn vastgelegd.