mastitis
zelfstandig naamwoordBetekenis
- ontsteking van de borstklier
- ontsteking van de uier
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mastitissen | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het modern Latijn, in de betekenis van ‘borstklierontsteking’ voor het eerst aangetroffen in 1847
Woordfamilie van mastitis
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mastitissen | meervoud | mastitis |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mastitis zijn vastgelegd.