mantra
zelfstandig naamwoord ˈmɑntraBetekenis
- een gedicht, woord, uitspraak of een lettergreep die het midden houdt tussen een spreuk met magisch effect en een gebed
- lijfspreuk in meer algemene zin van het woord
Hoe spreek je mantra uit?
/ˈmɑntra/
Mantra bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| t | tak |
| r | rood |
| a | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mantra's | meervoud |
Herkomst
van Sanskriet मन्त्र (mántra), in de betekenis van ‘gebedsformule’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1912
Woordfamilie van mantra
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mantra's | meervoud | mantra |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mantra zijn vastgelegd.