maharadja
zelfstandig naamwoordBetekenis
- hoge inlandse vorst (radja) in India of Indonesië
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| maharadja's | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Hindi, in de betekenis van ‘titel van vorst in Voor-Indië’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1863
Woordfamilie van maharadja
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| maharadja's | meervoud | maharadja |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van maharadja zijn vastgelegd.