machteloos
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- niet in staat iets aan de zaak te veranderen
- tweede betekenisomschrijving
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| machteloost | onverbogen, overtreffende trap |
| machtelooste | verbogen, overtreffende trap |
| machteloze | verbogen, stellende trap |
| machtelozer | onverbogen, vergrotende trap |
| machtelozere | verbogen, vergrotende trap |
| machtelozers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
Afgeleid van macht met het achtervoegsel -loos met het invoegsel -e-.
Woordfamilie van machteloos
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| machteloost | uninflected, superlative | machteloos |
| machtelooste | inflected, superlative | machteloos |
| machteloze | verbogen vorm | machteloos |
| machtelozer | vergrotende trap | machteloos |
| machtelozere | verbogen vergrotende trap | machteloos |
| machtelozers | partitieve vergrotende trap | machteloos |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van machteloos zijn vastgelegd.