macher
zelfstandig naamwoord ˈmɑxərBetekenis
- daadkrachtig persoon die belangrijke zaken tot stand kan brengen
- (Bargoens) verkoper, boerenbedrieger
Hoe spreek je macher uit?
/ˈmɑxər/
Macher bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɑ | bad |
| x | acht |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- verkoper, boerenbedrieger obsolete
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| machers | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘daadkrachtig persoon’ voor het eerst aangetroffen in 1999
Woordfamilie van macher
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| machers | meervoud | macher |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van macher zijn vastgelegd.