maatvis
zelfstandig naamwoordBetekenis
- vis die net groot genoeg is om gevangen te mogen worden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| maatvissen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van maat zn en vis zn
Woordfamilie van maatvis
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| maatvissen | meervoud | maatvis |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van maatvis zijn vastgelegd.