maandsom
zelfstandig naamwoord ˈmantsɔmBetekenis
- alle hoeveelheden (regen) van een maand bij elkaar opgeteld
Hoe spreek je maandsom uit?
/ˈmantsɔm/
Maandsom bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| a | maan |
| n | nek |
| t | tak |
| s | sok |
| ɔ | bot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| maandsommen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van maand zn en som zn
Woordfamilie van maandsom
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| maandsommen | meervoud | maandsom |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van maandsom zijn vastgelegd.