lollen
werkwoordBetekenis
- grappen maken; plezier maken
- onduidelijk praten, prevelen
- dommelen, zich warmen boven een stoof
Vervoeging van lollen
lollenhele werkwoord
Herkomst
In de zin van "mompelen", "prevelen", naast lullen, verwant met Duits lullen 'neuriën', Engels to lull '(in slaap) sussen', teruggaande op een expressieve uitdrukking, vgl. Nederlands lallen, Latijn lallare 'in slaap zingen'
Woordfamilie van lollen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gelold | woordvorm | lollen |
| lolde | woordvorm | lollen |
| lolden | woordvorm | lollen |
| lolle | woordvorm | lollen |
| lollend | woordvorm | lollen |
| lollende | woordvorm | lollen |
| lolt | woordvorm | lollen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lollen zijn vastgelegd.