koorleidster
zelfstandig naamwoord ˈkorlɛitstərBetekenis
- vrouwelijke dirigent van een groep mensen die samen zingen
- voornaamste woordvoerster binnen de groep spelers die in een klassiek drama vooral commentaar uitspreken op de gebeurtenissen in het stuk
Hoe spreek je koorleidster uit?
/ˈkorlɛitstər/
Koorleidster bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| o | boot |
| r | rood |
| l | land |
| ɛi | trein |
| t | tak |
| s | sok |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| koorleidsters | meervoud |
Herkomst
van koorleider zn met het achtervoegsel -er of samenstelling van koor zn en leidster zn
Woordfamilie van koorleidster
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| koorleidsters | meervoud | koorleidster |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van koorleidster zijn vastgelegd.