klipper
zelfstandig naamwoordBetekenis
- snel zeilschip met scherpe boeg en een of meer masten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| klippers | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘type zeilschip’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1852
Woordfamilie van klipper
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| klippers | meervoud | klipper |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van klipper zijn vastgelegd.