katvis
zelfstandig naamwoord ˈkɑtfɪsBetekenis
- witte vis van inferieure kwaliteit
- gewone zeekat
Hoe spreek je katvis uit?
/ˈkɑtfɪs/
Katvis bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɑ | bad |
| t | tak |
| f | fiets |
| ɪ | pit |
| s | sok |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- Epinephelus adscensionis een straalvinnige vis uit de familie van zaagbaarzen (Serranidae), orde baarsachtigen (Perciformes), die voorkomt in het noordwesten, het westen, het zuidwesten, het oosten en het zuidoosten van de Atlantische Oceaan
- benaming voor inktvissen uit de orde Sepiida
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| katvissen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van kat zn en vis zn
Woordfamilie van katvis
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| katvissen | meervoud | katvis |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van katvis zijn vastgelegd.