karma
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de leer van oorzaak en gevolg, waarbij je al je acties en reacties weer bij jezelf terugkomen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| karma's | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Sanskriet, in de betekenis van ‘het bepaald-zijn van iemands lot’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1893
Woordfamilie van karma
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| karma's | meervoud | karma |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van karma zijn vastgelegd.