kaartlezen
werkwoord ˈkartlezə(n)Betekenis
- het bestuderen van een landkaart, meestal om de goede weg te kunnen vinden bij een reis
- het decoderen van ponskaarten
- de toekomst voorspellen met behulp van speelkaarten
Hoe spreek je kaartlezen uit?
/ˈkartlezən/
Kaartlezen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| a | maan |
| r | rood |
| t | tak |
| l | land |
| e | veel |
| z | zon |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van kaartlezen
kaartlezenhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van kaart zn en lezen ww
Woordfamilie van kaartlezen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kaartlees | woordvorm | kaartlezen |
| kaartlezend | woordvorm | kaartlezen |
| kaartlezende | woordvorm | kaartlezen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kaartlezen zijn vastgelegd.