investituur
zelfstandig naamwoordBetekenis
- plechtige bekleding van iemand met ambtsgezag of een waardigheid
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| investituren | meervoud |
Woordfamilie van investituur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| investituren | meervoud | investituur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van investituur zijn vastgelegd.