interdict
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gerechtelijk verbod
- kerkelijke straf die bepaalde rechten ontneemt zonder de gelovigen van de kerkgemeenschap uit te sluiten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| interdicten | meervoud |
Herkomst
afgeleid van het Latijnse dīcere ‘spreken, zeggen’ met het voorvoegsel inter-
Woordfamilie van interdict
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| interdicten | meervoud | interdict |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van interdict zijn vastgelegd.