individualiteit
zelfstandig naamwoordBetekenis
- eigenheid, persoonlijkheid
- het als individu te onderscheiden zijn
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| individualiteiten | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘eigen aard’ voor het eerst aangetroffen in 1824
Woordfamilie van individualiteit
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| individualiteiten | meervoud | individualiteit |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van individualiteit zijn vastgelegd.