hoofdrekenen
werkwoordBetekenis
- een rekensom uit je hoofd maken, zonder hulpmiddelen zoals bijvoorbeeld een rekenmachientje
Vervoeging van hoofdrekenen
hoofdrekenenhele werkwoord — -voltooid deelwoord
Alle 2 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | verleden tijd |
| - | verleden tijd, deelwoord |
Herkomst
Samenstelling van het zelfstandig naamwoord hoofd en rekenen.
Woordfamilie van hoofdrekenen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hoofdreken | woordvorm | hoofdrekenen |
| hoofdrekenend | woordvorm | hoofdrekenen |
| hoofdrekenende | woordvorm | hoofdrekenen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hoofdrekenen zijn vastgelegd.