herintreden
werkwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- opnieuw meedoen na weggeweest te zijn
- opnieuw in dienst treden, opnieuw gaan werken
Vervoeging van herintreden
herintredenhele werkwoord
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord herintrede
Herkomst
afleiding van intreden met het voorvoegsel her-
Woordfamilie van herintreden
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| heringetreden | woordvorm | herintreden |
| herintrad | woordvorm | herintreden |
| herintraden | woordvorm | herintreden |
| herintredend | woordvorm | herintreden |
| herintredende | woordvorm | herintreden |
| herintreed | woordvorm | herintreden |
| herintreedt | woordvorm | herintreden |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van herintreden zijn vastgelegd.