handgift
zelfstandig naamwoord ˈhɑntxɪftBetekenis
- eerst verdiende geld van de dag
- schenking waarbij de schenker nog in leven is
Hoe spreek je handgift uit?
/ˈhɑntxɪft/
Handgift bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| h | hoed |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| t | tak |
| x | acht |
| ɪ | pit |
| f | fiets |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| handgiften | meervoud |
Herkomst
samenstelling van hand zn en gift zn
Woordfamilie van handgift
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| handgiften | meervoud | handgift |
| handgifte | woordvorm | handgiften |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van handgift zijn vastgelegd.