grootoom
zelfstandig naamwoordBetekenis
- broer van iemands opa of oma
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| grootooms | meervoud |
Herkomst
samenstelling van groot bn en oom zn
Woordfamilie van grootoom
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| grootooms | meervoud | grootoom |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van grootoom zijn vastgelegd.