grijpbaar
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- wat fysiek of geestelijk te pakken of te begrijpen is
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| grijpbaarder | onverbogen, vergrotende trap |
| grijpbaardere | verbogen, vergrotende trap |
| grijpbaarders | partitief, vergrotende trap |
| grijpbaars | partitief, stellende trap |
| grijpbaarst | onverbogen, overtreffende trap |
| grijpbaarste | verbogen, overtreffende trap |
| grijpbare | verbogen, stellende trap |
Herkomst
Naamwoord van handeling van grijpen met het achtervoegsel -baar
Woordfamilie van grijpbaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| grijpbaarder | vergrotende trap | grijpbaar |
| grijpbaardere | verbogen vergrotende trap | grijpbaar |
| grijpbaarders | partitieve vergrotende trap | grijpbaar |
| grijpbaars | partitive, positive | grijpbaar |
| grijpbaarst | uninflected, superlative | grijpbaar |
| grijpbaarste | inflected, superlative | grijpbaar |
| grijpbare | verbogen vorm | grijpbaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van grijpbaar zijn vastgelegd.