gezichtsloos
bijvoeglijk naamwoord ɣəˈzɪx(t)slosBetekenis
- zonder gezicht
Hoe spreek je gezichtsloos uit?
/xəˈzɪxtslos/
Gezichtsloos bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| ə | de |
| z | zon |
| ɪ | pit |
| t | tak |
| s | sok |
| l | land |
| o | boot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gezichtsloost | onverbogen, overtreffende trap |
| gezichtslooste | verbogen, overtreffende trap |
| gezichtsloze | verbogen, stellende trap |
| gezichtslozer | onverbogen, vergrotende trap |
| gezichtslozere | verbogen, vergrotende trap |
| gezichtslozers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
afgeleid van gezicht met het achtervoegsel -loos met het invoegsel -s-
Woordfamilie van gezichtsloos
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gezichtsloost | uninflected, superlative | gezichtsloos |
| gezichtslooste | inflected, superlative | gezichtsloos |
| gezichtsloze | verbogen vorm | gezichtsloos |
| gezichtslozer | vergrotende trap | gezichtsloos |
| gezichtslozere | verbogen vergrotende trap | gezichtsloos |
| gezichtslozers | partitieve vergrotende trap | gezichtsloos |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gezichtsloos zijn vastgelegd.