gevolmachtigd
bijvoeglijk naamwoord, werkwoordBetekenis
- van een persoon dat deze een aantal bevoegdheden heeft gekregen die een ander toekwamen
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gevolmachtigde | verbogen, stellende trap |
| gevolmachtigds | partitief, stellende trap |
Woordvorm
- voltooid deelwoord van volmachtigen
Vervoeging van gevolmachtigd
gevolmachtigdhele werkwoord
Herkomst
*vervoeging van volmachtigen: de stam met omvoegsel ge- -d
Woordfamilie van gevolmachtigd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gevolmachtigds | partitive, positive | gevolmachtigd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gevolmachtigd zijn vastgelegd.