gevarieerdheid
zelfstandig naamwoordBetekenis
- met grote verschillen tussen de leden van een groep
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gevarieerdheden | meervoud |
Herkomst
afgeleid van gevarieerd met het achtervoegsel -heid
Woordfamilie van gevarieerdheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gevarieerdheden | meervoud | gevarieerdheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gevarieerdheid zijn vastgelegd.