geste
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- gebaar van goede wil
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gestes | meervoud |
Woordvorm
- verbogen vorm van de overtreffende trap van ges
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘gebaar’ voor het eerst aangetroffen in 1596
Woordfamilie van geste
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gesten | meervoud | geste |
| gestes | meervoud | geste |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van geste zijn vastgelegd.